Objecten automatisch rangschikken met het infovenster Diagram lay-out

Met dit infovenster kunt u automatisch de lay-out van vormen aanpassen op basis van de logische relaties die door de verbindingslijnen tussen de vormen worden aangegeven.
Schakel het selectievak Automatische lay-out in om ervoor te zorgen dat OmniGraffle de lay-out van de objecten op het canvas aanpast wanneer de verbindingen ertussen veranderen.
Er zijn vier knoppen met lay-out-typen die de vier methoden aangeven die OmniGraffle kan gebruiken om de lay-out van het diagram te bepalen. Bij de hiërarchische lay-out worden lagen gemaakt met objecten die dezelfde rang hebben, lopend in één richting. De lay-out op basis van onderlinge verdeling wordt vanuit het midden in schijnbaar willekeurige richtingen gevormd, in plaats van vanaf de rand in één bepaalde richting. De circulaire lay-out probeert "kind"vormen in een cirkel rond hun "ouder" te ordenen. De radiale lay-out probeert "kind"vormen in bogen rond hun "ouder" te ordenen.
Wanneer u een hiërarchische lay-out gebruikt:
De knoppen bij Richting bepalen waar de objecten op het bovenste niveau starten en op welke manier de objecten van lagere niveaus van daaruit in lagen moeten worden geplaatst.
Het veld Rangscheiding bepaalt hoe ver elk niveau van objecten zich van het volgende niveau moet bevinden.
Het veld Objectscheiding bepaalt hoe ver elk niveau van objecten zich van andere objecten op hetzelfde niveau moet bevinden.
Met de opties voor Geselecteerde objectrang kunt u een hiërarchische rang aan de geselecteerde objecten toewijzen. Met de optie Standaard wordt de rang gebaseerd op de verbindingen tussen objecten. Met de optie Minimum worden de geselecteerde objecten boven in de hiërarchie geplaatst en met Maximum worden de geselecteerde objecten onder in de hiërarchie geplaatst. Met de optie Zelfde zorgt u ervoor dat de objecten op hetzelfde niveau worden geplaatst. Met deze instellingen wordt de richting van de verbindingslijnen niet gewijzigd, zodat u altijd alle objecten kunt selecteren en Standaard kunt kiezen om de rang te herstellen.
Wanneer u andere lay-outmethodes gebruikt:
Verbindingslijnen kunnen langer of korter worden, maar u kunt hun gemiddelde lengte aanpassen door de schuifregelaar Lijnlengte te slepen.
Bij een lay-out op basis van onderlinge verdeling kunt u afzonderlijke lijnen selecteren en het aankruisvak Aangepaste lengte inschakelen om ze afzonderlijk van de rest van de lijnen aan te passen.
Met de schuifregelaar Vormafstoting kunt u instellen in welke mate de vormen elkaar afstoten. Als de lijnlengte en de vormafstoting klein genoeg zijn, kunnen vormen elkaar overlappen.
Objecten nauwkeurig plaatsen met het infovenster Uitlijning Informatie over uw document bewaren in het infovenster Documentgegevens →